De Roemeniëstory van Constant, Hans en Ruud, de 11e etappe

Het verhaal van kwartiermakers Ruud en Constant:

Constant, in ruste...

Ruud, klaar op te rusten

 

 

 

 

 

 

Na een nachtelijk treinreisje naar Regensburg vertrok ik vrijdag 15 juni op de fiets naar Roemenie, 1250 km, om op zondag de 24e Noud te vergezellen op zijn trektocht te paard. Samen met Hans Bolland, een vriend uit Oosterhout, fietsten we moeiteloos (…) in een weekje naar Budapest , door Zuid Duitsland, Oostenrijk, (stukje) Slowakije, en Hongarije. Een prachtige tocht van 850 km, langs de Donau. Weinig klimmetjes dus het schoot goed op.  Wel bloedheet (soms 43 graden), dus veel, heel veel water (en grote potten bier aan het einde van de dag) naar binnen gewerkt.

Hans bleef in Budapest, dus de laatste 3 dagen fietste ik alleen door de Puszta (rechte wegen en mooie, kleurige vergezichten) richting Gyula en daarna de grens over naar Arad.  Ondertussen had ik telefonisch contact gehad met Constant en Hans en met hen afgesproken dat ze me daar op zouden pikken met de auto, zodat we ge3en naar Sisterova konden afzakken, waar Noudje ons zat op te wachten.  En, precies volgens afspraak, om 14.00 uur, kwamen Hans en Constant met de auto voorrijden op het station in Arad, waar ik al een uurtje op een terrasje zat te wachten.  Een hartelijk weerzien en het voelde meteen vertrouwd. Dat was veelbelovend!  Vlug de fiets achterop en richting Noud….

Tsja, en die zat niet in Sisterova, maar in Labasint. Hoe die daar terecht was gekomen is een raadsel. Vanuit Sisterova nog zeker 10 km over een onverhard pad met grote keien en flinke kuilen. Niets voor die luxe Ford Mondeo van Constant en die durfde dus niet harder dan stapvoets te rijden.  Maar goed, aan het einde van de middag kwamen we er eindelijk:  Noud verwelkomde ons hartelijk op een prachtig plekje, bij een verlaten dorpje, met een heerlijk glaasje prosecco.  Voor Constant waren de ontberingen van de heenreis  op slag vergeten, want hij ontdekte een zeldzame vogel: de scharrelaar, een knalblauwe kraai.  Later zouden nog meer bezienswaardigheden volgen, maar die verhalen laat ik graag aan hem zelf over. Na een gezellige avond vol sterke reisverhalen op echte en op stalen rossen zijn we vroeg in ons bedje gekropen, op zich ook heel apart: 4 snurkers, waarvan 2 met snurkapparaten!  Ons avontuur was begonnen……

De eerste dag was al meteen goed raak. Rond 9 uur vertrokken Noud en Hans met Jan en Karel richting Istanbul. De volgende overnachtingsplek  was al geregeld door het vorige team, dus Constant en ik hoefden er alleen maar naartoe te rijden. Na een lekkere douche bij de Italiaanse Sylvia vertrokken in konvooi naar Olosag, zo’n 10 km onder het stadje Lugosj. Hemelsbreed niet zo’n grote afstand (ong. 35 km), maar met de auto…. We hebben zo’n 100 km gereden, soms over onbegaanbare wegen, maar dankzij onze stuurmanskunst lukte het toch  om de plaats van bestemming te bereiken. Een dorpje met grintwegen en veel, heel veel, loslopende kippen, ganzen en kalkoenen. En hier en daar enkele vrouwtjes met staar die wezenloos voor zich uit zaten te kijken en  niet reageerden op ons gezwaai en gegroet. Nog even vastgezeten met de bus + caravan maar dankzij die ingenieuze motor onder de caravan kamen we weer vrij.  Vlug boodschappen doen in Lugosj!  En in de winkel barste een bui los, die we niet hadden zien aankomen, het leek wel een waterval!

de afgesloten carravan..... waterproof?

Als echte kampeerders hadden Constant en ik de caravan natuurlijk netjes afgesloten….mooi niet!  Alle bovenluiken stonden wagenwijd open, dus snel huiswaarts!  Onderweg kwamen we onze ruiters nog tegen, zeik- en zeiknat! Net zoals de caravan trouwens….   Gelukkig zijn wij niet voor 1 gat te vangen en hebben we alles zo goed en zo kwaad mogelijk opgeruimd. Hans en Noud kwamen in volle draf aan en we hebben met veel plezier alles opgeruimd. Hans was kapot en ik heb hem met onze tuinslang lekker afgespoeld.  De zelfgestookte “pruimensap” van onze gastheer Dorin smaakte voortreffelijk!!

allemaal 'pruimensap'?

Dankzij dit waterballet besloten we de volgende dag maar hier te blijven en de zaakjes te laten drogen. Konden Constant en ik meteen een nieuwe standplaats gaan zoeken. Die vonden we (gemakkelijk) bij Zuza en An, twee lieve mensen waar we met heel ons hebben en houwen op de  binnenplaats mochten staan, die lekkere biertjes hadden, “pruimensap” en ook nog eens lekker worstjes op de barbecue.

De volgende dagen hebben we nog veel plezier gehad, zijn we bij hele aardige mensen thuis geweest en hebben onze caravan op de mooiste plekjes kunnen stallen.  De Roemenen hebben we leren kennen als ontzettend aardig, gastvrij en met bijzondere verhalen. De woonomstandigheden van hen zijn echt bijzonder en ze lieten ons zonder problemen toe in hun huizen, hun slaapkamers (en die van oma) en hun keukens. Met meneer Belgia Liga (met een héél lui oog!) hebben we samen de voetbalwedstrijd Duitsland-Italië gekeken, onder het genot van…”pruimensap”.

Tijdens onze tochtjes door het platteland van Roemenie hebben we veel gezien. De mensen werken keihard op het land. Ze waren met het hele gezin aan het hooien, zoals ze dat bij ons 50 jaar geleden deden: met zeis, gaffel en hark. Het hooi werd op mijten gestapeld of op de paardenwagen en ‘s avonds kwamen ze langs onze caravan met 4, 5 meter hooi op de kar en daarbovenop het hele gezin. Elke ochtend zag je mensen met koeien de “wei” in gaan en ‘s avonds weer terug om te melken. Soms een oude man of vrouw met 1 of 2 koeien, hun rijke bezit! Onvoorstelbaar in de 21e eeuw, en aandoenlijk, maar tegelijk besef je wel dat het hier ook flink winter kan zijn. En dan is het leven minder romantisch denk ik.

Paard en wagen zijn normaal

Zoals de zigeuners aan de rand van her dorp

De hooimijten

Al met al hebben we met volle teugen genoten van het prachtige landschap, de bijzondere mensen en vooral hebben we het met ons vieren geweldig gehad.  Veel waardering voor Noud, die zijn best deed om het ons naar de zin te maken (gelukt!) en uiteraard hebben wij zelf ook gezorgd dat die cowboy niks tekort kwam. Het overlijden van Miep, de moeder van Mariëtte was  wel een flinke domper voor hem en daar hebben we uitgebreid bij stil gestaan. Maar ondanks dat hebben we veel gelachen, soms serieuze gesprekken gevoerd en nooit gezeik gehad.

Eigenlijk waren wij het beste team tot nu toe, maar dat kan Noud natuurlijk niet hardop zeggen….

En dan de paarden door bijrijder Hans

Zwemles voor Karel van ruiter Hans?

Jan & Karel, twee prachtige paardjes die heel wat aan kunnen. ’s Morgens blij gemoed op pad, zonder te weten waar naar toe en ‘s avonds onverstoord grazen op plekken die voor hen zijn uitgezocht.

De eerste dag van de 11e etappe was zowel voor ons als voor de paarden zwaar. De hele dag gereden van Labasint naar Olosag. Ongerept, geen hekken, maar wel dichte, prikkelige bosjes, brede rivieren, ondoordringbaar helmgras en nog wat van die natuurlijke barrières.  En aan het eind van de dag kwamen we er achter dat we nog dik 10 kilometer verder moesten dan we dachten. Ondertussen barste er een onweer los.  Jan en Karel bleven nuchter  en in tempo naar de kampplaats gereden. Ik helemaal doorweekt en kapot onder de doucheslang,  Noud fris als een hoentje aan de pruimenjenever met onze gastheren en de Jan & Karel onaangedaan aan het gras.

De volgende rustdag, blij toe. De twee daarop volgende dagen eerst naar Prisaca en daarna naar Palestines. Heerlijke dagen, langs zonnebloemweiden,  korenzeeën en maisvelden.  Goed te doen. Maar als afdalingen of doorgangen door kreupelhout of struikgewas te heftig worden, stappen we af. Karel blijft stoïcijns in alle gevallen, en als ik struikel omdat ik niet door het helmgras heen kom, blijft ie gewoon gezellig staan.  Onderweg door kleine gehuchtjes, oude mannen die het hoofd schudden waar we wel niet naar toe gaan, een meertalige schaapsherder, die ons een gedicht declameert en een zigeunerfamilie die ons een hoofdstel wil verkopen.

Karel loopt heerlijk, genoeglijk sjokkend als het kan, met alert bewegende oortje als het moet. Ik zit langzamerhand prima en mijn beurse achterwerk van de eerste dag is inmiddels goed aangehard.  De laatste rijdag naar standplaats  Prisian is weer een pittige. De hitte is verschroeiend, een paar aardig ondoordringbare bossages,  de dorst almaar heviger, en voor de paarden hinderlijke vliegen  en dazen te over.  Maar aan het eind wacht ons een rivier waar de paarden hun dorst lessen en benen verkoelen en als we thuis onder de afgedakte toegangspoort kunnen  schaduwen, dommelen Jan & Karel heerlijk weg en genieten Noud, Constant, Ruud en ik van een heerlijk koud biertje.

De reis zit er op. Het was spannend, maar ook relaxed, omdat Noud er zo mee omging. En gezellig met Constant en Ruud er bij. Beide praatjes voor tien maar zeer zorgzaam. Kortom, jongens bedankt, het was hartstikke leuk en ik verheug me op de reünie.

Ruud, Constant en Hans, hét team van etappe 11...

 

 

Één reactie op De Roemeniëstory van Constant, Hans en Ruud, de 11e etappe

  1. Diek en Willy Roozenboom

    Leuke en ook spannende verhalen met veel info over de landen . Alles voor het goede doel.
    Ik ken Ruud goed en vraag me af waarom hij de klarinet niet meegenomen heeft. Hij speelt heel goed en had in de verloren uurtjes wat muziek kunnen maken voor de mensen en zo wat bij verdienen voor het doel.
    In jullie verhaal staat een keer pruimensap en later pruimenjenever en Ruud kennende zal sap ook wel jenever zijn geweest.
    Verder veel succes met dit mooie initiatief.

Geef een reactie

*